De strijd in en om de Apple App Store | TakeAway komt op voor de maaltijdbezorger. Of voor zichzelf? | Het echte verhaal van deel (jaja: niet lokatie gebonden verhuur)fietsen in China

Goedemorgen! Voor je ‘ligt’ de eerste editie van mijn nieuwsbrief na de zomerstop. Na een heerlijke tijd met het gezin op een camping in niemandsland in Frankrijk (alles, inclusief supermarkt, was minstens 45 minuten rijden) is de vakantie voorbij en tijd voor nieuwe dingen. Ik hoop dat ook jij een mooie zomer hebt gehad.

Intussen zit mijn eerste week er alweer op waarin ik een presentatie heb gegeven voor de Gemeente Zwolle (een combi van online en offline) en de aanvragen voor presentaties het komende najaar die tijdens mijn vakantie waren binnengekomen heb verwerkt. Het geven van presentaties is naast onderzoek doen de belangrijkste pijler in mijn businessmodel, wat er aan bijdraagt dat ik onafhankelijk mijn werk kan doen. Ik merk intussen ook steeds meer aanvragen voor sessies met raden van bestuur van grote organisaties. De Platformrevolutie is ook daar intussen doorgedrongen.

Ook start morgen een blok Platformeconomie dat ik heb vormgegeven voor de Global School for Entrepreneurship. En een mooi nieuwtje: 5 Oktober organiseer ik bij Seats2Meet in Utrecht een multi stakeholder workshop rondom het vraagstuk van portabiliteit van reputatiedata voor platformwerkers.

In deze editie een flink stuk over TakeAway, deel(jaja: niet lokatie gebonden verhuur)fietsen in China, de Apple App Store en een groot onderzoek naar platformen en vrijwilligerswerk. Daarnaast deel ik enkele items uit de media waar ik zelf een bijdrage heb mogen leveren: het NOS Journaal, de Telegraaf en de Volkskrant. Ook introduceer ik (inspired by de nieuwsbrief van Sprout) een nieuwe rubriek ‘ook gelezen’, waarin ik nog wat extra linkjes deel van stukken die ik heb gelezen.

Fijne week!

p.s. heb je deze nieuwsbrief doorgestuurd gekregen? Aanmelden kan hier!

Apple en Google halen Fortnite uit appwinkels vanwege omzeiling toeslag | NU.nl

Apple en Google halen Fortnite uit appwinkels vanwege omzeiling toeslag | NU.nl

De laatste weken speelt er een erg interessante testcase met betrekking tot marktmacht van platformen. Waar vraagstukken rondom macht en sectorale platformen voornamelijk gaat om vraagstukken tussen sectorale platformen en de directe stakeholders (vraag en aanbod), gaat deze strijd tussen de sectorale platformen en een van de meest machtige meta platformen: de Apple App Store.

De Apple App Store is voor ontwikkelaars van platformen en apps een belangrijke partner: het is dé toegangspoort naar alle iPhone gebruikers. Voordeel is dat de store laagdrempelig is: in principe kan iedere developer eenvoudig een app bouwen en deze via de store aanbieden aan vele miljoenen gebruikers. Wat cijfers: er zijn al meer dan 2,2 miljard iPhones verkocht (2018), er zijn 2,2 miljoen apps beschikbaar (2017), welke bij elkaar al meer dan 130 miljard keer zijn gedownloaded (ook 2017). De omzet die hiermee wordt gegenereerd liegt er niet om, in mijn boek valt hier over te lezen: “Volgens onderzoeksbureau App Annie besteden consumenten in 2019 ruim 122 miljard dollar in deze app stores. In 2016 lag dit bedrag nog onder de 60 miljard.”

Een flinke business dus. Zeker als je weet dat Apple een commissie van 30 procent van de omzet krijgt. Bij verleningen is dit overigens ‘slechts’ 15 procent. De omvang van jouw business heeft geen effect op dit percentage. Apple doet veel moeite om deze betalingen binnen het platform te behouden. Zo maakte Facebook bekend dat Apple een update had geweigerd mbt het organiseren van betaalde evenementen via Facebook, omdat Facebook in deze update meldde dat 30 procent van de omzet aan Apple moet worden afgedragen. Apple noemde deze informatie irrelevant en blokkeerde de update. Ook in een aflevering van ‘podcast over media’ van Alexander Klöpping en Ernst-Jan Pfauth deelde Alexander zijn ervaring dat Apple heel strikt deze betaalstroom bewaakt en alle hints voor gebruikers om via een omweg (veelal via een normale website, dus buiten de app om) om een abonnement af te sluiten door Apple worden geblokkeerd.

Er zijn regelmatig grote bedrijven die tegen deze hoge commissie protest aantekenen. Zo zocht Spotify enige tijd geleden de media op om zich te beklagen over het model en nu is het Fortnite-maker Epic Games die het aan de stok heeft met Apple. Epic Games bouwde een eigen betaalsysteem in de app, zodat daarmee het Apple betaalsysteem omzeild. Apple blokkeerde vervolgens de game maker de toegang tot de store.

Het is nog de vraag wat er nu gaat gebeuren. Apple heeft veel te verliezen en zal zeker voorlopig zijn poot stijf houden. Het is vooral de vraag of het Epic Games lukt om de druk op Apple op te voeren. Deels natuurlijk via de gebruikers: zij kunnen straks geen nieuwe games meer kopen. En deels via andere aanbieders in de App Store. Zo hebben Spotify en Tinder aangegeven Epic te steunen en sprak ook Facebook zich kritisch uit tegenover het verdienmodel van Apple. Dat is dan ook weer het mooie van platformen: zonder gebruikers is een platform niets waard. Organiseren geeft dus (veel) macht.

Epic gaaf aan dat: “Met in-appaankopen die verplicht via Apple moeten, onderdrukken ze de concurrentie en houden ze prijzen hoog. Uit principe doen we daar niet aan mee.””. Natuurlijk is dit deels ook uit eigenbelang en is het maar de vraag of een eventuele verlaging zal worden doorgerekend aan de gebruikers, maar ik snap de frustratie. Op het moment dat het Epic lukt om meer grote medestanders te vinden die bereid zijn het spel hard te spelen door bijvoorbeeld hun apps uit de store te halen maken zij zeker een kans. Want Apple zet in deze strijd niet alleen de inkomsten uit de Apple Store op het spel, maar ook de verkoop van de iPhone. Immers: als het aanbod in de Apple Stores minder interessant is, dan is het ook minder interessant om een iPhone te kopen. De combinatie van een eigen store én hardware is in goede tijden een goudmijn, maar het kan ook heel snel de andere kant op gaan. En met die iPhone gaat het sowieso wat minder, zo werd eerder bekend dat het marktaandeel van iPhone in Europa in 12 maanden tijd van 17% naar 14.1% is gedaald.

Een interessante casus om in de gaten te houden…

Takeaway-topman Jitse Groen: ‘Je kan toch niet meer van ons winnen’ – NRC

Takeaway-topman Jitse Groen: ‘Je kan toch niet meer van ons winnen’ – NRC

Interviews met Jitse Groen, oprichter van Thuisbezorgd en inmiddels de CEO van een van de grootste maaltijdbestelwebsites ter wereld, zijn zeldzaam. Dit NRC interview geeft een mooi kijkje achter de schermen en schetst een portret van een zelfverzekerde Nederlandse ondernemer die overtuigd is van de toegevoegde waarde van zijn bedrijf en dat dit alleen kan wanneer je groot bent. Kleintjes zijn kansloos voor hem. Zorgen over mededinging maakt Jitse zich duidelijk niet: het gegeven hij de uitspraak ‘je kan toch niet meer van ons winnen’ heeft gedaan zegt eigenlijk genoeg.

Als ondernemer kan ik alleen maar respect hebben voor de manier waarop hij zijn bedrijf dat hij heeft uitgebouwd tot een voor Nederlandse begrippen ongekend formaat. Toch is er ook wat op zijn verhaal aan te merken.

Een van de speerpunten van Jitse die je overal in de media, dus ook in dit interview, ziet terugkomen is het gegeven dat hij de bezorgers in dienst neemt. Hij distantieert zich als bestel platform dan ook van de door Venture Capital gefunde bezorg platformen. Daar is hij heel duidelijk over. Het ‘probleem’ is dat door zicht te distantieren zijn uitspraken over bezorg platformen een stuk minder legitiem zijn. Immers: bij TakeAway wordt minder dan 5 procent van de bestellingen die via het platform worden verkocht door het bedrijf zelf bezorgd. De overige ruim 95 procent wordt bezorgd door koeriers die worden geregeld (ik gebruik hier expres een ruim begrip) door de restaurants zelf. En dat zijn ook niet de beste werkgevers. Inspectie SZW deed eerder dit jaar onderzoek onder restaurants met eigen bezorgers en kwam toen met een niet al te positief oordeel. “Bij meer dan de helft van de gecontroleerde bedrijven gaat het mis. Het ontbreekt bij deze bedrijven vaak aan kennis over wat wettelijk is toegestaan. Bezorgers krijgen te weinig betaald, werken te lang of mogen überhaupt op bepaalde tijden niet werken omdat ze te jong zijn. Dit geldt zowel voor grote ketens met eigen bezorgers als voor de kleinere eetgelegenheden met eigen bezorgers.” Het is dus fijn dat voor die kleine 5% de voorwaarden goed zijn geregeld, wat vooral kan om dat deze groep vooral wordt gebruikt om de zichtbaarheid van het merk te vergroten (en dus deels ook gewoon marketingkosten zijn) en om nieuwe restaurants aan te kunnen sluiten. Daarmee heeft Jitse dus, in tegenstelling tot wat hij claimt, weinig invloed op de werkomstandigheden van verreweg het grootste deel van de koeriers die de maaltijden die worden verkocht via zijn platform. Ik snap dat hij dit anders wilt framen, maar begrijp niet dat hier in de media geen kritische vragen over komen.

In een ander interview voor BBC deelde hij ook de wens dat de Engelse tak, Just Eat, zal stoppen met het ZZP model. Kijkend naar de strategie in andere Europese landen is het dan de vraag wat de volgende stappen zullen zijn. Gaan ze in de UK toch een grote bezorg tak opzetten (waarvan hij weet dat dit niet kostendekkend is), of zullen de bezorgwerkzaamheden simpelweg worden verlegd naar de individuele restaurants. Het is opmerkelijk dat hij niets zegt over het onlangs overgenomen Amerikaanse platform Grubhub. Deze werkt ook met ZZP’ers (en ziet zichzelf ook meer als verkoop dat bezorg platform).

Het is dus afwachten hoe dit zich zal ontwikkelen. Wordt Jitse echt de ‘redder’ van de ‘gig economy’, zoals het artikel in BBC suggereert, of is het een slimme manier om zich te onderscheiden van de concurrenten die als bezorg platforms onder een vergrootglas liggen wanneer het gaat om de manier waarop zij met hun ZZP aanbieders omgaan.

En die marktmacht? Die is inderdaad groot binnen het domein van het online verkopen van maaltijden. En daarin zit nog een heel belangrijk verschil met de maaltijd bezorg platformen: TakeAway zal zich vermoed ik altijd op dit ene domein blijven richten, terwijl alle ‘nieuwe’ platformen zich steeds breder zullen profileren. Van maaltijdbezorging naar bezorging, fintech en vele andere sectoren. Waardoor zij maaltijdbezorging zouden kunnen gebruiken als leerschool en manier om klanten binnen te halen. Wat dan ook de verliezen die zij nu lijden kan verklaren. Welke strategie wint? Niemand die het echt weet. Wat dat betreft is de strijd nog niet gestreden. Nog lang niet. En dat weet iemand als Jitse maar al te goed.

China, fietsen en platformen: een kijkje achter de schermen | Ed Sander 艾德 | ChinaTalk on Twitter

China, fietsen en platformen: een kijkje achter de schermen | Ed Sander 艾德 | ChinaTalk on Twitter

De platformeconomie in China is voor mij altijd een blinde vlek geweest. Natuurlijk heb ik de klok horen luiden en ben ik globaal op de hoogte, maar echt de diepte ingaan is er nog niet van gekomen. Toen ik afgelopen week tijdens een presentatie een foto van een afvalberg met Chinese deel/huurfietsen deelde en deze op Twitter werd gedeeld, kreeg ik van Ed Sander, expert op het gebied van digitale innovatie in China, de reactie dat het echte verhaal genuanceerder ligt. Uiteraard was mijn vraag hoe het dan wel zat. Hij schreef hier een kort stukje over en deelde deze als foto op Twitter. Hier onder heb ik een zijn verhaal gedeeld. Op Twitter lees je het hele verhaal. Voor de duidelijkheid: dit stuk is dus geschreven door Ed, niet door mij:

“In tegenstelling tot wat we misschien verwachten heeft de Chinese overheid een andere aanpak richting techbedrijven dan hier in het westen. Over het algemeen geeft ze bij nieuwe innovaties de start-ups veel vrije ruimte om hun dienst of product uit te rollen. In de praktijk versnelt dit de innovatie maar tevens concurrentie door binnenlandse copycats, wat veelal weer goed is voor de consument want het levert vaak lagere prijs en betere producten op. In veel gevallen resulteert dat erin dat de sterkste overblijft en de markt zichzelf uiteindelijk uitbalanceert.

Zodra de markt zich begint te stabiliseren, of zodra er excessen optreden grijpt de overheid in. En vaak kan ze dan heel snel nieuwe regelgeving doorvoeren waar de techbedrijven zich aan dienen te houden. In China kan de overheid in principe van de ene op de andere dag een hele bedrijfsvoering verbieden als ze dat nodig acht. Ze geeft dus eerst de innovatie de vrije loop om het vervolgens te reguleren. We hebben dit in China zien gebeuren bij mobiel betalen, de deeleconomie, live-streaming, e-commerce, etc. Het is naar mijn mening een van de factoren waardoor China zo veel
sneller innoveert dan het westen.

Soms gaat het gepaard met problemen, vooral wanneer het geen digitale diensten betreft en overaanbod zoals bij de fietsen in de fysieke omgeving voelbaar is. Bij de deelfietsen waren er op een gegeven moment, naast een hoop kleine partijen, drie grote partijen die allemaal concurreerden op (vergelijkbare lage) prijs. Beschikbaarheid van de fietsen was dan de manier waarop ze dachten te kunnen winnen en een aantal grote steden werd overspoeld door fietsen. Zodanig dat voetgangers soms geen plek meer hadden op het trottoir.

Maar de overheid is dat wel degelijk gaan reguleren, hoewel wellicht wat aan de late kant. Ze heeft kapotte fietsen en fietsen die op plekken stonden waar ze niet hoorden verwijderd naar ‘bike graveyards’ die we kennen van de foto’s en filmpjes. De bedrijven werd gevraagd om die fietsen op te halen maar omdat ze daarvoor een vergoeding voor opslag moesten betalen en de meeste fietsen kapot waren deden ze dat in de praktijk niet. De overheid heeft ook regels opgelegd over waar fietsen geplaatst mochten worden en heeft in veel steden razendsnel parkeervakken gecreëerd, waar veel techbedrijven d.m.v. geo-fencing en/of kleine boetes of beloningen in de app gehoor aan hebben gegeven. De techbedrijven kregen ook opdracht om geen nieuwe fietsen te plaatsen in de steden, maar sommigen omzeilden dat door de fietsen te besmeuren met modder of te bekrassen, zodat ze niet als nieuw te herkennen waren.

Van de drie grote partijen is Mobike opgekocht door Meituan, die het inmiddels heeft ge-rebrand naar haar eigen merk. BlueGoGo werd gekocht door Didi Chuxing. In Ofo werd geÔnvesteerd door Alibaba, maar doordat Ofo met haar eigenzinnigheid het management van Alibaba tegen de haren instreek wilde het e-com bedrijf niet langer investeren in Ofo. Dat, plus het feit dat Ofo’s fietsen van slechtere kwaliteit waren, resulteert erin dat Ofo nu op sterven na dood is. Hellobike is de derde huidige grote partij en ook hier heeft Alibaba in geÔnvesteerd. De markt is met deze drie partijen (en nog een aantal regionale kleinere) redelijk tot rust gekomen. Er is weer ruimte voor voetgangers en deelfietsen zijn een onderdeel geworden van mobility in de steden.

Er heeft dus wel degelijk beleid achter gezeten, hoewel niet altijd succesvol of snel genoeg. De fietsen die achterbleven op de bike graveyards zijn vooral het geld van investeerders die de zoveelste hype zagen en in de beginjaren geld in deze bedrijven zijn blijven pompen.”

Volgens mij is dit een mooi en uniek kijkje in de Chinese platformeconomie. En het heeft mij ook geïnspireerd om mij toch wat meer ook in dit land te verdiepen. Ed organiseert overigens regelmatig studiereizen naar China en het lijkt mij leuk om te verkennen wat de mogelijkheden zijn om samen, na corona, ook een editie te organiseren rondom de platformeconomie. Mocht je daar interesse hebben om deel te nemen, stuur dan een reply op deze editie, dan houdt ik je op de hoogte.

Coronacrisis: ondanks uitbraak van solidariteit ook flinke tekorten | NLvoorelkaar

Coronacrisis: ondanks uitbraak van solidariteit ook flinke tekorten | NLvoorelkaar

Aan het begin van de coronacrisis heb ik enkele edities besteedt aan de analyse hoe platformen reageerden op deze pandemie. Een van de zaken waar ik naar keek was welke rol platformen in het bijeen brengen van vraag en aanbod van vrijwilligerswerk spelen. NLVoorelkaar was een van de platformen die hier regelmatig voorbij kwam.

NLVoorelkaar ervaarde dat 1/3 van de hulpbehoevenden een tekort aan hulp heeft ervaren. Gemotiveerd door de vraag hoe dit komt en, nog belangrijker, hoe het beter kan, hebben zij een onderzoek uitgevoerd onder 1.800 hulpbehoevenden, vrijwilligers, maatschappelijke organisaties en professionals in het veld. In het rapport worden alle tips gedeeld. Zij maakten ook een overzicht van de meest belangrijke bevindingen, die ik hieronder deel:

  • 40% van de hulpbehoevenden vond het lastiger om hulp te vragen tijdens de lockdown. Belemmeringen waren o.a.: angst voor besmetting, de aanname dat het niet mag, familie en professionals die te druk of afwezig zijn, versnippering van hulp en inflexibele richtlijnen van de organisatie.
  • Eenzaamheid is de grootste niet-ingevulde behoefte (38%), gevolgd door klus- en tuinhulp. Eenzaamheid is tegelijkertijd een sterk groeiende motivator voor vrijwilligerswerk.
  • We zagen veel nieuwe gezichten: 12,5% van de helpers had voor corona nog nooit vrijwilligerswerk gedaan.
  • Van het vrijwilligerspotentieel bleef nog 35% onbenut door versnippering, mismatch of gebrek aan vragen.
  • Corona veranderde de redenen om te vrijwilligen flink: minder instrumenteel (wat je er zelf aan hebt) en meer vanuit plichtbesef. Er zijn wel verschillen tussen jong en ouder of noord en zuid Nederland.
  • 30% wil zich na corona méér inzetten. O.a. zinvolheid, veiligheid en flexibiliteit zijn voorwaarden voor duurzame inzetbaarheid.
  • Advies van prof. dr. Lucas Meijs: “Investeer in het ophalen van hulpvragen, daar zit het grootste verbeterpunt en de hoogste nood”.

Mooi werk!

Journalist Ron van Gelderen werd noodgedwongen schoonmaker via het platform Helpling: ‘Pats! Daar gaat de designlamp’ | De Volkskrant

Journalist Ron van Gelderen werd noodgedwongen schoonmaker via het platform Helpling: ‘Pats! Daar gaat de designlamp’ | De Volkskrant

“Journalist Ron van Gelderen kon om mentale redenen even geen stukken meer schrijven, maar wilde niet zijn hand ophouden. Dus werd hij schoonmaker via internetplatform Helpling. Voor gemiddeld 12 euro bruto per uur doet hij het huishouden van klanten die doorgaans minstens het dubbele verdienen en die met één vinger in de app zijn lot bepalen.”

Het artikel is een mooi en open verslag van journalist Ron van Gelder die vanwege persoonlijke gebeurtenissen even geen journalistiek werk kon doen, te trots was om een WW aan te vragen en uiteindelijk een flinke tijd (hij deed 800 klussen) via Helpling als thuisschoonmaker aan de slag ging.

Dit soort verhalen hebben altijd iets dubbels. Vaak blinken dit soort verhalen uit in een verhaal over verwondering van het moeten leven en werken in een omgeving die normaliter ver buiten de bubbel van de goed opgeleide witte man ligt. Voor vele tienduizenden vrouwen (ja, voornamelijk vrouwen) is onderbetaald zwart schoonmaken bij particulieren zonder enige rechten al jarenlang de enige mogelijkheid om een inkomen te vergaren. Iets waar we ons als maatschappij over het algemeen maar al te graag de ogen voor sluiten. Natuurlijk is er de Regeling Dienstverlening aan Huis, maar ik denk dat het gegeven dat deze groep die via deze regeling werkt in tijden van corona nul komma
nul hulp hebben gehad bewijst dat wij als samenleving liever de ogen sluiten dan de werkelijkheid onder ogen zien. En verantwoordelijkheid nemen.

Wat prettig is aan dit stuk, is dat van Gelderen specifiek ingaat hoe het voor hem voelt om via een app te werken en hoe hij ervaart hoe een derde van zijn klanten zich echt anders is gaan gedragen door de platformeconomie:

“Er is sinds de introductie van internet een verwende klasse ontstaan die eraan gewend is geraakt dat met enkele muisklikken of vingerbewegingen alles kan worden besteld: van Zalando-pakketten tot Thuisbezorgd-maaltijden en van Uber-chauffeurs tot Helpling-schoonmakers. De begrensde communicatie via app of website leidt ertoe dat deze verwende klasse mij behandelt als een robotstofzuiger die met een simpele handbeweging tot leven kan worden gewekt.” Ik moest denken aan een (video)interview dat ik in 2015 met de toenmalige directeur van Helpling Nederland Floyd had en vroeg naar de voordelen voor klanten voor het werken met de app. Hij antwoordde dat een van de voordelen was dat wanneer je niet tevreden was, je met een druk op de knop de schoonmaakster kon ‘ontslaan’. In zijn ogen bijzonder prettig, omdat zijn ervaring was dat mensen dit normaal moeilijk vonden om te doen en dus door gingen met een schoonmaakster waar zij niet tevreden over waren. Vanuit technisch perspectief een kekke feature, maar voor degenen waarover via een klik op een knop wordt geoordeeld zeker geen vooruitgang.

Van Gelderen legt ook de link tussen de groep van de platformeconomie en de groei van dit soort precaire ‘banen’, maar ik vraag mij af of dit in de praktijk echt zo is. Zijn het nieuwe banen, werkten deze mensen voorheen ook al in het zwarte circuit of trekken dit soort platformen een doelgroep aan die dit bijvoorbeeld voor erbij naast een studie doen en geen afhankelijkheid opbouwen. Ik verwacht een combinatie van deze drie. Zijn zorg over de groei in inkomensongelijkheid deel ik. En daar ligt ook een zorg rondom de platformeconomie waar, zonder goed beleid, degenen die unieke skills bezitten en waar we ons als samenleving toch al geen zorgen over hoeven te maken er beter van worden, terwijl degenen die ‘commodity’ skills hebben (voor jou tien anderen) kwetsbaarder worden. Een belangrijk aandachtspunt.

Ook gelezen

In de media

Item ontslagronde Booking | NOS Journaal

Item ontslagronde Booking | NOS Journaal

Op de valreep voor mijn vakantie (ik had letterlijk mijn slippers al aan en moest daarna haasten om mijn auto bij de garage op te halen) mocht ik op het Mediapark in Hilversum duiding geven aan de ontslagronde die Booking die dag had aangekondigd.

Kritiek op Facebook: ’Vandaag Zwarte Piet, morgen een VVD-reclame?’ | Financieel | Telegraaf.nl

Kritiek op Facebook: ’Vandaag Zwarte Piet, morgen een VVD-reclame?’ | Financieel | Telegraaf.nl

Een kort interview vanuit het zwembad in Frankrijk voor dit artikel in de Telegraaf over de manier waarop Facebook met de verantwoordelijkheid van het marktmeesterschap omgaat.

Wat moeten we aan met Airbnb? ‘Keer terug naar de kleinschaligheid’ | De Volkskrant

Wat moeten we aan met Airbnb? ‘Keer terug naar de kleinschaligheid’ | De Volkskrant

Nog een interview vanaf mijn vakantieadres gedaan voor de Volkskrant over Airbnb. ‘Wat moeten we aan met Airbnb? ‘Keer terug naar de kleinschaligheid.

Recensie

Platf
ormrevolutie – ‘Een masterclass platformeconomie’ – Boekblog – Managementboek.nl

Platformrevolutie – ‘Een masterclass platformeconomie’ – Boekblog – Managementboek.nl

Een mooie boekrecensie en samenvatting tegelijk verscheen vorige week op Managementboek.nl.

Contact

Inspiratie opgedaan en advies of onderzoek nodig bij vraagstukken rondom de platformeconomie? Of op zoek naar een spreker over de platformeconomie voor een online of offline event?

Neem gerust contact op via een reply op deze nieuwsbrief, via mail ([email protected]) of telefoon (06-50244596).

Bezoek ook mijn YouTube kanaal met ruim 300 interviews over de platformeconomie en mijn persoonlijke website waar ik regelmatig blogs deel over de platformeconomie. En lees mijn boek ‘Platformrevolutie – Van Amazon tot Zalando, de impact van platformen op hoe wij werken en leven’.

Er is ook een Engelstalige nieuwsbrief, welke iedere twee weken wordt verstuurd.

Deze rechtszaak moet het machtsverschil tussen online bemiddelaars en gebruikers verkleinen

Uber-chauffeurs eisen meer inzicht in hun eigen data, want kennis is macht. In deze blog omschrijf ik waarom deze rechtszaak zo belangrijk is en welke mogelijkheden er zijn om de verstoorde machtsbalans in de platformeconomie te herstellen.

Online platformen zoals Uber, AirBnb en Thuisbezorgd bepalen als marktmeesters de regels van het ‘spel’. In het geval van platformen voor taxi’s en maaltijdberzorging bepaalt het platform wie welke klus krijgt, tegen welk tarief, wie mee mag doen en wie niet, en ga zo nog maar even door.

Het probleem is dat het platform alle informatie heeft. Een bedrijf als Uber weet precies hoe het zit met vraag, aanbod, tarieven, concurrentie. Kennis is macht en in dit geval ligt al die macht bij het platform. Voor de individuele gebruiker wordt de informatieasymmetrie misschien wel meer dan ooit in stand gehouden. En is het machtsverschil bij platformen die korte klusjes automatisch toewijzen aan aanbieders nog groter dan bij traditionele bemiddelaars.

Een groep Uber-chauffeurs komt daar nu tegen in opstand, schrijft The Guardian. Zij klagen het platform aan, omdat zij vinden dat zij te weinig data krijgen om goede keuzes te maken en inzicht te krijgen in de manier waarop het bedrijf beslissingen maakt over de aanbieders.

Macht in balans

Dit doen de chauffeurs gezamenlijk onder de paraplu van de Worker Info Exchange (WIE). In het verzoekschrift (interessant leesvoer!) omschrijft WIE zich als een non-profitorganisatie die onder andere als doel heeft werknemers en zelfstandigen in de informatie-economie toegang te geven tot de gegevens die tijdens het werk over hen worden verzameld. Een belangrijk doel is de machtsverhouding tussen grote digitale platforms (zoals Uber) en de mensen die deze platforms succesvol maken (de chauffeurs) in balans te brengen.

Er zijn meerdere manieren om te zorgen voor een eerlijkere machtsbalans. Je zou bijvoorbeeld de besluitvormingsprocessen, de algoritmes, inzichtelijk kunnen maken voor een vertrouwde derde partij, een algoritmeaccountant. Deze kan het algoritme controleren op bepaalde variabelen. In een workshop in de zomer van 2019 onderzocht ik deze mogelijkheid met een brede groep stakeholders.

Toegang en bundeling

Een andere oplossing is gebruikers toegang geven tot de data die invloed hebben op hun individuele transacties. Dat is waar de WIE zich voor inzet. Juist voor platformen die de aanbieder als ondernemer classificeren zou dit een no-brainer moeten zijn. Je kunt tenslotte pas echt ondernemen als je toegang hebt tot de data die van invloed zijn op jouw business en transacties. Een goede ondernemer bepaalt namelijk zijn strategie op basis van informatie.

Vervolgens zou je deze data kunnen bundelen (poolen). Op die manier kun je op basis van de gegevens van meerdere aanbieders analyse maken en zo het machtsverschil tussen aanbieders en platform verkleinen.

Werkerscoöperatie

De gedachte om aanbieders samen te brengen bestaat al langer. Ruim een jaar geleden schreef ik in de blog ‘de coöperatie als vakbond 2.0‘ waarom arbeidsrechtadvocaten Jaap van Slooten en Jorinde Holscher pleiten voor de introductie van de werkerscoöperatie. In een paper beschrijven zij dat zo’n coöperatie zzp-platformwerkers kan helpen collectieve (tarief)afspraken te maken met de platformen waar zij voor werken. Op die manier kan een werkerscoöperatie het machtsverschil tussen aanbieders en platformen verkleinen.

Dat is ook een doel van de WIE. Deze non-profit wordt ondersteund door een soort coöperatie: de App Drivers & Couriers Union (ADCU), een vakbond die opkomt voor de belangen van alle private hire drivers & couriers in het Verenigd Koninkrijk. De bond wil bijvoorbeeld meer transparantie over gegevensverwerking door partijen als Uber.

Collectief onderhandelen

En de ADCU is weer aangesloten bij de International Alliance of App Transport Workers (IAATW), een internationale organisatie zet zich in voor digitale rechten voor platformwerkers. Zij hebben een gezamenlijk ‘data trust’ opgericht waarin ze de persoonsgegevens van chauffeurs bijeenbrengen. De inzichten die ze daaruit krijgen kunnen ze gebruiken voor collectieve onderhandelingen.

Deze rechtszaak van WIE tegen Uber levert een belangrijke bijdrage aan de verkenning in hoe het speelveld tussen platformen en gebruikers minder ongelijk kan worden. Anton Ekker, de Nederlandse advocaat die deze zaak voert, vat The Guardian samen: “De app besluit miljoenen keren per dag wie welke rit krijgt: wie krijgt de fijne ritten, wie krijgt de korte ritten. Maar dit gaat niet alleen over Uber. Het probleem is overal. Algoritmes en data geven veel controle, maar de mensen om wie het gaat zijn daar vaak niet bewust van.”

Hierin plaats hij (terecht) deze zaak in een breder perspectief van een groeiende geautomatiseerde besluitvorming en algoritmisch management van werkenden in de breedste zin van het woord. Er zijn nog genoeg vragen en er zullen er vast nog meer bijkomen, maar de enige manier om dit te verkennen is door er iets aan en mee te doen. Daar kan een rechtszaak als deze prima in bijdragen.

Dit Chinese platform belooft de algoritmes transparant te maken | Hoe dit onderzoek naar Google laat zien dat mededingingsvraagstukken voor platformen zeer relevant zijn | Hebben freelance consulting platformen hun belofte waargemaakt? Spoiler: nog niet.

Goedemorgen! Voor je ligt de laatste editie voor mijn ‘zomerstop’. Woensdag vertrek ik met mijn gezin naar een mini camping in Frankrijk om bij te komen van de afgelopen maanden en te genieten van elkaar. Maandag 31 augustus zal de eerstvolgende editie weer in je digitale deurmat ‘vallen’.

In deze editie naast weer een aantal mooie artikelen ook een nieuwtje over een nieuw onderzoek. Samen met Jeroen Meijerink van de Universiteit Twente ben ik een onderzoek gestart naar de verschillen tussen to-business platformen die de uitzend en de freelance constructie gebruiken. Een onderwerp waar veel over wordt gesproken, maar waar niemand nu echt het verschil snapt. In deze nieuwsbrief leg ik uit wat we gaan doen. Afgelopen week de eerste twee interviews met Youbahn en Maqqie gedaan en al veel nieuwe inzichten opgedaan. Eind 2020 zullen de resultaten worden gedeeld in een paper en een blog.

Fijne week en fijne zomer en tot eind augustus!

p.s. heb je deze nieuwsbrief doorgestuurd gekregen? Aanmelden kan hier!

Fair competition and transparency benefits us all – Newsroom | TikTok

Fair competition and transparency benefits us all – Newsroom | TikTok

Er gaan al langer geluiden op voor meer transparantie van de handelswijze van online platformen. In de editie van vorige week deelde ik er een groot stuk over dit vraagstuk. Het was lang stil vanuit de markt en waar iedereen naar de beleidsmakers keek kwam daar ineens afgelopen week een Chinees platform dat aankondigde vol voor transparantie te gaan:

“Even more, we believe our entire industry should be held to an exceptionally high standard. That’s why we believe all companies should disclose their algorithms, moderation policies, and data flows to regulators. We will not wait for regulation to come, but instead TikTok has taken the first step by launching a Transparency and Accountability Center for moderation and data practices. Experts can observe our moderation policies in real-time, as well as examine the actual code that drives our algorithms. This puts us a step ahead of the industry, and we encourage others to follow suit.”

Het was het platform TikTok dat met dit nieuws naar buiten kwam. De timing van het bericht is niet geheel toevallig uitgekozen: het bericht werd een dag voor de hoorzitting van Facebook, Amazon, Apple en Google voor het Congres in de Verenigde Staten (zie ook dit verslag in NRC en hier de vooraf gepubliceerde speeches van de tech CEO’s voor een lesje ultieme public policy). Iedereen wist dat hier veel vragen over marktmacht en (in)transparantie zouden komen. Een slimme zet van het Chinese platform. Want hoewel er in het Westen veel vraagtekens zijn over het vertrouwen van Chinese platformen: de Amerikaanse platformen staan er wat reputatie betreft momenteel niet al te best voor. Daarnaast kwam ook naar buiten dat Microsoft mogelijk interesse heeft om het platform over te nemen. Na een tweet waarin Trump bekend maakte te overwegen TikTok in de VS te verbieden  werden de overnamegesprekken abrupt afgebroken..,

Er natuurlijk zijn er nog genoeg vraagtekens bij dit bericht te zetten. In het stuk wordt gesproken dat ‘experts’ kunnen meekijken, maar wie zijn deze experts en hie selectief is het platform in het selecteren van deze experts? Daarnaast is het natuurlijk ook altijd de vraag in hoeverre de experts de juiste zaken te zien krijgen. Wat dat betreft zou een vertrouwde derde partij die toezicht kan houden geen gek idee zijn. Maar ondanks alle vraagtekens een slimme zet van TikTok om hiermee (mogelijk: we moeten natuurlijk zien hoe dit verder gaat lopen) een stap te zetten die veel Amerikaanse platformen tot dusver nog niet hebben durven zetten.

Google’s Top Search Result? Surprise! It’s Google – The Markup

Google’s Top Search Result? Surprise! It’s Google – The Markup

Een van de belangrijke thema’s bij het verhoor van Big Tech gaat over marktmacht. Een niet onbekend onderwerp in dezes nieuwsbrief. Een van de aspecten van marktmacht gaat erover dat veel platformen als marktmeester de regels van het spel bepalen en bepalen wie wel en wie geen toegang heeft. Dat is vooral een onderwerp van debat wanneer de keuze beperkt is, zoals de discussies over de Apple App Store. Een ander onderwerp van marktmacht gaat over het vraagstuk van platformen die zowel marktmeester (beheerder van de marktplaats) als ook deelnemer op diezelfde marktplaats zijn. Amazon (maar ook bol.com) zijn hier bekende voorbeelden van, maar ook Google komt steeds meer in opspraak, omdat het platform in de zoekresultaten eigen diensten voortrekt ten opzichte van andere aanbieders.

In dit (uitgebreide) stuk een goede onderbouwing van waar we het dan over hebben: “The search engine dedicated almost half of the first page of results in our test to its own products, which dominated the coveted top of the page”. Het stuk komt met een aantal heel concrete voorbeelden waarin Google eigen producten voorrang geeft in zoekresultaten boven producten van anderen. Ongeacht of dit voor de consument de beste oplossing is.

Het onderzoek: “We examined more than 15,000 recent popular queries and found that Google devoted 41 percent of the first page of search results on mobile devices to its own properties and what it calls “direct answers,” which are populated with information copied from other sources, sometimes without their knowledge or consent. When we examined the top 15 percent of the page, the equivalent of the first screen on an iPhone X, that figure jumped to 63 percent. For one in five searches in our sample, links to external websites did not appear on the first screen at all.”

Dat het niet meer gaat om de beste zoekresultaten voor de gebruikers, maar om de hoogste vergoeding voor het platform komt naar voren in de volgende quote: “In queries for specific airlines that appeared in our sample, Google presented Google Flights at the top of the results page, before links to the airlines’ own websites. A search for “nonstop flight” also returned Google Flights in the top spot, above competitors.” En: “We found that the majority of links to and results for non-Google sites were pushed down to the bottom-middle of the page, where data shows users are less likely to click.”

Oftewel: Google trekt zijn eigen producten voor. En niet zonder verdiensten: “The effects of placing its own products on the search page can be stark: In the nine years since Google Flights and Google Hotels launched, those sites have become market leaders. They garnered almost twice as many U.S. site visits last year as each of their largest competitors, Expedia.com and Booking.com, even though we found Google Flights doesn’t always show users all the options.

Dit stuk lezende begrijp je de zorgen over de groeiende macht van dit soort online dienstverleners en de wens om via het mededingingsrecht een betere balans in macht te creëren.

De vraag is natuurlijk: waarom doet Google dit? Voor de korte termijn natuurlijk om meer geld te verdienen. Voor de lange termijn verstoort het de relatie met de aanbieders en adverteerders. De hierboven genoemde reisplatformen adverteren jaarlijks voor vele miljarden op het platform. Het is bijzonder om te zien dat Google zo met haar eigen klanten omgaat. Daarnaast heeft het ook een oneerlijk concurrentievoordeel: het heeft als marktmeester zich op alle data van alle aanbieders én betaalt geen kosten voor de eigen advertenties.

Als Google als zoekmachine verder zou gaan, dan zou deze strategie natuurlijk heel dom zijn: op korte termijn zakken vullen en daarmee voor de lange termijn belangrijke stakeholders schaden. Dan zijn er hardop denkend  twee scenario’s waar het bedrijf rekening mee houdt:

  1. Het verwacht dat de monopolie positie zal worden uitgebouwd en stakeholders simpelweg geen keuze hebben;
  2. Het niet de ambitie heeft om zoekmachine te blijven, maar de zoekresultaten als ‘long tail’ inzetten. Oftewel: Google zal langzaam maar zeker van zoekmachine transformeren naar een startpagina voor iedere zoekactie, waarbij het de voorkeur heeft om mensen zo lang als mogelijk binnen het ecosysteem te houden en deze aandacht te kapitaliseren. Alleen voor de antwoorden die het zelf niet kan geven (en zelf niet kan kapitaliseren) wordt doorverwezen naar de ‘long tail’ van de gefragmenteerde groep aanbieders.

Ik gok zelf op scenario 2. Daarmee zitten de bestaande aanbieders met een duivels dilemma: met alles dat ze Google nu voeren om business te genereren voor de eigen organisatie voeden ze Google met waardevolle data en inzichten, waarmee het platform op termijn heel eenvoudig de directe concurrentie aan kan gaan. En winnen. In veel opzichten een totaal ongewenst scenario en goed dat hier naar gekeken wordt.

The Failed Promise Of Freelance Consulting Talent Platforms | Boundless: Beyond The Default Path

The Failed Promise Of Freelance Consulting Talent Platforms | Boundless: Beyond The Default Path

Een interessante analyse van de opkomst van freelance platformen in de 2-business markt voor langer lopende klussen (dus geen gigs). De conclusie van het stuk: de belofte is niet ingelost. In het stuk worden problemen omschreven die ik herken, al zegt dat natuurlijk niet dat de belofte nooit ingelost kan worden.

De issues volgens dit stuk:

Issue #1: Talent platforms have “atomized” the talent staffing process and outsourced much of the work to an unpaid freelancer labor force.

Hier wordt omschreven dat de rol van het platform door de jaren heen is veranderd. Waar eerst het platform veel werk voor de klanten uit handen nam, is het platform steeds meer gaan automatiseren. Oftewel: van bemiddelaar ondersteund door technologie naar een 100% techbedrijf.

“This shift was not simply increasing the visibility of projects and letting freelancers directly compete for projects. It was a shift from the structure of the talent platform as a hands-on talent agency to a hands-off technology company.”

Issue #2: The lack of a “winner take all” platform means every additional platform created more work for the freelancer

In plaats van een consolidatie van de markt verschenen er steeds meer platformen. Als freelancer moet je op meerdere platformen actief zijn en de kans dat je een opdracht wint verkleint, terwijl de investering in tijd voor zoekkosten groeit. Oftewel: voor de aanbieder brengt deze ontwikkeling weinig goeds met zich mee.

Issue #3: VC incentives undermine the health of the overall ecosystem

Hierdoor komen platformen klem te zitten in het eigen model. Het VC model vraagt groei in marktaandeel, -omvang en marge. Dit in een markt (to business) die langzaam ontwikkelt en waar in veel gevallen de rek beperkt is.

De auteur van het stuk komt ook met 3 suggesties hoe het wél zou kunnen werken:

  1. Focus on Niche Talent Pools & Problems
  2. Find ways to create a “virtuous cycle” with freelancers
  3. Embrace the generosity and human touch of talent-owned platforms

Uiteindelijk komt het erop neer dat het freelance marketplace model (dit stuk gaat over online en daarmee locatie onafhankelijk werk) nu vooral teveel is (door)ontwikkeld vanuit een teveel technisch perspectief, zonder echt te kijken naar de behoeften van beide zijden van de marktplaats. Ik zie nog veel mogelijkheden, maar dan moeten partijen hier wel echt serieus tijd (en geld) in stoppen en een stukje realiteitszin worden bijgebracht. Een freelance marketplace is nu eenmaal een stuk ingewikkelder en complexer dan een consumer-to-consumer platform voor dienstverlening…

Nieuw onderzoek!

Hoewel mijn agenda met mijn onderzoek naar portabiliteit reputatiedata en veel andere werkzaamheden als presentaties en advies goed gevuld is, zijn er altijd vraagstukken die zo belangrijk zijn dat ik er nog wat extra tijd voor vrijmaak. Samen met Universitair docent Jeroen Meijerink van de Universiteit Twente voer ik de komende maanden onderzoek uit naar het overeenkomsten en verschillen tussen freelance platformen en uitzendplatformen onderzoek naar de verschillen tussen to-business freelance- en uitzendplatforms en de wijze waarop zij hun relatie met de aanbieders van werk vormgeven.

De afgelopen jaren is
het aandeel van klusplatformen die bemiddelen tussen vraag en aanbod van werk gegroeid. Deze groei is het sterkst te zien in platformen die bemiddelen tussen een individuele aanbieder en een zakelijke afnemer. Het ING Economisch Bureau voorspelde in 2018 dat in 15 jaar 20 tot 70 procent van de uitzendmarkt zal verlopen via online platformen.

Een van de meest prangende discussies rondom platformwerk is die van de status van de aanbieder. Sommige platformen werken volgens een freelance constructie, anderen volgens een uitzendconstructie. Volgens velen is de flexibiliteit en autonomie van de aanbieder alleen mogelijk vanuit het freelancemodel. Anderen weerleggen dit en wijzen erop dat een platform prima via een uitzendconstructie kan werken. In debatten hierover ontbreekt veelal een diepgang in de verschillen tussen deze constructies en de manier waarop platformen individuele aanbieders het mogelijk maken om autonoom en flexibel te werken.

Universitair docent Jeroen Meijerink van de Universiteit Twente en en ondergetekende vinden dat de tijd rijp is om duidelijkheid in dit debat te brengen. Niet met de ambitie om een uitspraak te doen over de juridische status, maar om de verschillen en overeenkomsten in bemiddelingsactiviteiten van zowel freelance- als uitzendplatformen in kaart te brengen. Om hiermee het debat te voeden met relevante inzichten vanuit de praktijk.

Voor dit onderzoek interviewen wij in totaal 8-10 platformvertegenwoordigers van klusplatformen in een mooie mix tussen uitzend, freelance en hybride platformen. Daarnaast putten we uit de database van de website platformwerk.nl (in oprichting) om platformwerk op de Nederlandse markt in perspectief te kunnen plaatsen. Deze week vonden de eerste twee interviews plaats met platformen Maqqie en YouBahn. Deze twee interviews gaven ons al heel waardevolle inzichten in de verschillen en gelijkenissen, het was een mooie start!

Eind 2020 verwachten we de resultaten te kunnen delen en daarmee een bijdrage te leveren aan het debat over – en de ontwikkeling van – de platformeconomie in de to-business markt in Nederland.

Recensie

Platformrevolutie – ‘Een nuchtere en veelomvattende kijk vanuit de praktijk’ – Boekblog – Managementboek.nl

Platformrevolutie – ‘Een nuchtere en veelomvattende kijk vanuit de praktijk’ – Boekblog – Managementboek.nl

Afgelopen week verscheen er een mooie recensie van Platformrevolutie op Managementboek.nl. “Platformrevolutie is een must-read voor iedereen die zich bezig houdt met ondernemen, strategie, marketing en innovatie. Het is uiterst actueel en de auteur beschrijft met veel kennis van zaken de opkomst van platformbedrijven, de impact die platformen hebben op de maatschappij en de risico’s en kansen die platformoplossingen bieden voor consumenten, bedrijven, burgers en overheden.” Het hele verhaal lees je hier.

Blog

Deze rechtszaak moet het machtsverschil tussen online bemiddelaars en gebruikers verkleinen – ZiPconomy

Mijn bericht uit de vorige nieuwsbrief over de rechtszaak tussen de Uber chauffeurs uit de UK en het platform werd afgelopen week ook als blog doorgeplaatst op Zipconomy.

In de media

2020.07.29 | Nederland.WerktDoor.nl

Afgelopen week was ik te gast bij de uitzending van Nederland Werkt Door bij Seats2Meet Tilburg. Het thema van de uitzending was ‘overvloed’. Ik was uitgenodigd om te komen praten over mijn nieuwe boek. Vanaf 1:11:16 is mijn fragment terug te bekijken.

Contact

Inspiratie opgedaan en advies of onderzoek nodig bij vraagstukken rondom de platformeconomie? Of op zoek naar een spreker over de platformeconomie voor een online of offline event?

Neem gerust contact op via een reply op deze nieuwsbrief, via mail ([email protected]) of telefoon (06-50244596).

Bezoek ook mijn YouTube kanaal met ruim 300 interviews over de platformeconomie en mijn persoonlijke website waar ik regelmatig blogs deel over de platformeconomie. En lees mijn boek ‘Platformrevolutie – Van Amazon tot Zalando, de impact van platformen op hoe wij werken en leven’.

Er is ook een Engelstalige nieuwsbrief, welke iedere twee weken wordt verstuurd.